Waar het om gaat
De bedrijfsopvolgingsregeling maakt het mogelijk om een onderneming bij schenking of vererving grotendeels vrijgesteld over te dragen. Zonder die regeling zou de schenk- of erfbelasting in veel gevallen betaald moeten worden uit het bedrijf zelf, met alle gevolgen voor de continuiteit.
De stap per 2025
- de vrijstelling werd 100 procent van de goingconcernwaarde tot ongeveer 1,5 miljoen euro, met 75 procent over het meerdere. Voorheen was dat percentage 83
- de voortzettingseis werd verkort van vijf naar drie jaar
- er kwam een minimumleeftijd van 21 jaar bij schenking
- de doelmatigheidsmarge van 5 procent voor beleggingsvermogen verviel
- voor panden met gemengd gebruik gelden strengere eisen
De stap per 2026
Per 1 januari 2026 is de regeling beperkt tot gewone aandelen waarbij de schenker of erflater een belang heeft van ten minste 5 procent van het geplaatste kapitaal. Daarnaast zijn er maatregelen tegen misbruik ingevoerd: een langer wordende bezitseis bij overdrachten door mensen die de AOW-leeftijd ruim gepasseerd zijn, en een regeling die voorkomt dat de vrijstelling twee keer wordt gebruikt voor hetzelfde vermogen.
Tegelijk is een knelpunt weggenomen: een herstructurering laat de bezits- en voortzettingstermijn niet meer opnieuw beginnen, zolang het belang gelijk blijft.
Wat dit praktisch betekent
Voor ondernemers die overdracht binnen de familie overwegen is het tijdpad langer geworden dan het lijkt. De bezitseis vooraf en de voortzettingseis achteraf bestrijken samen meerdere jaren, en de 5-procenteis betekent dat bepaalde structuren met kleine of bijzondere aandelenpakketten niet meer kwalificeren.
Wie een familieoverdracht in de planning heeft, doet er verstandig aan de structuur nu te toetsen in plaats van op het moment van overdracht. Meer over de fiscale kant staat op belasting bij overdracht.
Geen fiscaal advies
Dit artikel geeft de hoofdlijnen. De regeling kent uitzonderingen en voorwaarden die per situatie verschillen. Voor een concrete overdracht is een fiscalist nodig.