De zichtbare kosten
Bij een start bestaan de kosten uit inschrijving, inrichting, voorraad of gereedschap, een website en marketing. Bij een overname bestaan ze uit de koopsom, het werkkapitaal en de begeleiding. Die tweede lijst oogt hoger, maar staat tegenover een bedrijf dat vanaf de eerste dag omzet maakt.
| Kostenpost | Zelf beginnen | Overnemen |
|---|---|---|
| Inschrijving Handelsregister | Eenmalig, tientallen euro's | Vaak niet van toepassing |
| Koopsom | Geen | De grootste post, meestal een veelvoud van de winst |
| Werkkapitaal | Beperkt bij de start, groeit mee | Direct nodig voor voorraad en debiteuren |
| Inrichting en middelen | Volledig zelf op te bouwen | Aanwezig, staat in de balans |
| Marketing om te beginnen | Substantieel, er is nog geen naamsbekendheid | Lager, er is bestaand verkeer en een klantenbestand |
| Advies en juridisch | Beperkt | Waardering, contract en due diligence |
| Eigen inkomen in de aanloop | Maanden tot jaren zelf te dragen | Uit de bestaande kasstroom |
De post die het vaakst vergeten wordt
Het eigen inkomen tijdens de aanloopperiode is bij een start de grootste verborgen kostenpost. Een bedrijf dat pas na anderhalf jaar kostendekkend draait, kost achttien maanden aan levensonderhoud. Bij een modaal huishouden loopt dat bedrag al snel op tot een bedrag dat vergelijkbaar is met de koopsom van een klein bedrijf.
Daar komt bij dat een startende ondernemer die achttien maanden ook zelf moet financieren. Een bank financiert geen levensonderhoud, een verkoper die meefinanciert bij een overname doet dat indirect wel, doordat het bedrijf vanaf dag een salaris kan uitbetalen.
Werkkapitaal bij een overname
Werkkapitaal is het geld dat vastzit in voorraad en openstaande facturen, verminderd met wat er nog aan leveranciers openstaat. Bij een overname wordt vaak alleen naar de koopsom gekeken, terwijl het werkkapitaal er bovenop komt. Een groothandel met veel voorraad vraagt daardoor een fors hoger totaalbedrag dan de koopsom suggereert.
De afspraken hierover horen expliciet in de koopovereenkomst thuis. Wat daar speelt staat op de pagina activa of aandelen.
Kosten van een webshop
Bij webshops ligt de verhouding anders. Een webshop opzetten kan technisch gezien voor een paar honderd euro per jaar, met een abonnement op een platform en een domeinnaam. De kosten zitten in voorraad, in fotografie en content, en vooral in het verwerven van bezoekers. Adverteren en vindbaarheid opbouwen kost in de meeste niches meer dan de techniek.
Een bestaande webshop overnemen betekent betalen voor precies dat wat het duurst is om zelf op te bouwen: verkeer, klantenbestand, reviews en positie in zoekresultaten. Het aanbod van webshops en e-commercemerken staat op WebshopOvername.nl. Een eerste indicatie van de waarde geeft de rekentool voor webshops.
Rekenvoorbeeld
Twee ondernemers beginnen in dezelfde branche, met hetzelfde doel: een eigen inkomen van 60.000 euro per jaar.
| Ondernemer A start zelf | Ondernemer B neemt over | |
|---|---|---|
| Investering jaar 1 | 25.000 euro opbouw en marketing | 180.000 euro koopsom en kosten |
| Eigen inkomen jaar 1 | 0 euro | 60.000 euro |
| Eigen inkomen jaar 2 | 20.000 euro | 60.000 euro |
| Eigen inkomen jaar 3 | 55.000 euro | 65.000 euro |
| Financiering | Eigen middelen | Bank, eigen inbreng en vendor loan |
| Kans dat het bedrijf na vijf jaar nog bestaat | Ongeveer de helft, volgens Nederlands onderzoek | Ruim 90 procent, volgens Nederlands onderzoek |
Het voorbeeld is een illustratie, geen norm. De verhoudingen verschillen sterk per sector en per bedrijf. De strekking blijft: de koopsom is niet het enige bedrag dat telt, en gemiste inkomsten tellen mee.